Goed functionerende, veilige en duurzame tram- en metro-infrastructuur is essentieel voor het openbaar vervoer in de concessie Amsterdam. Alle werkzaamheden die nodig zijn om de infrastructuur te onderhouden vallen binnen het subprogramma Asset Management RailInfrastructuur (AMRI). Deze werkzaamheden zijn het dagelijks onderhoud, de vervangingsprojecten (groot onderhoud) en de aansturing van GVB als assetmanager. Het onderhoud aan het Signalling & Control (S&C) en andere Operationele systemen vallen hierbinnen.
De Vervoerregio is sinds 1 januari 2022 risicodragend opdrachtgever en GVB Infra B.V., de opdrachtnemer. Daarnaast heeft het dagelijks bestuur GVB Infra B.V. aangewezen als beheerder, zoals omschreven in de Wet lokaal spoor (Wls). De Vervoerregio heeft voor dit subprogramma een meerjarenreeks voor de periode 2022 – 2034 afgesproken. Binnen deze meerjarenreeks kan, al naar gelang de uitvoeringssnelheid van de onderhoudswerkzaamheden, tussen de jaren worden geschoven. Dit kan zolang de totale bijdrage van deze meerjarenreeks niet wordt overschreden.
In een jaarlijkse cyclus met kaderbrieven en beheerplannen geeft de Vervoerregio per jaar de accenten mee. Het dagelijks bestuur heeft ingestemd met het Beheerplan 2026 AMRI en daarmee opdracht gegeven ter hoogte van € 173,6 miljoen op voorlopig prijspeil 2026 voor alle assetmanagementwerkzaamheden in 2026. Dit heeft betrekking op dagelijks onderhoud tram en metro, MVP tram en metro, Areaal management en een deel van Signalling en Control (S&C), namelijk S&C Beheer. Dit is een stijging van € 26,9 miljoen ten opzichte van de primitieve begroting 2026. Deze stijging van de kostenwordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het MVP werk bij de metro, door het verschuiven van het grootschalige onderhoudsproject RAI-Spaklerweg-Overamstel. Deze werkzaamheden zijn zo gepland dat de samenwerking met Zuidasdok wordt opgezocht om zo de overlast voor de reiziger te beperken.
We zijn blij hierin flexibel te kunnen acteren om de overlast voor de reizigers te kunnen beperken, maar zijn ervan bewust dat dit voorbeeld laat zien dat de voorspelbaarheid van onderhoudswerkzaamheden nog niet altijd een gegeven is. In 2026 ligt de focus daarom op het vergroten van de financiële en procesmatige voorspelbaarheid van de onderhoudswerkzaamheden. Dit is vastgelegd in het beheerplan. Daarnaast zijn we in 2026 bezig met de herijking van de AMRI-overeenkomst en het vernieuwen van de Beheervisie. Hiermee wordt 2026 een belangrijk jaar voor het borgen en verder ontwikkelen van de lange termijn afspraken en processen.
Herijking procesafspraken & nieuwe beheervisie
Binnen de herijking ligt de focus op het actualiseren van de procesafspraken in de AMRI-overeenkomst. Door hier een betere structuur in te krijgen ontstaat beter inzicht en sturing op asset management, zodat gezamenlijke doelstellingen van GVB en Vervoerregio behaald kunnen worden. Dit moet leiden tot een gestandaardiseerd proces voor het tijdig en volledig opstellen van het beheerplan en de rapportages, met borging van continuïteit. Daarnaast wordt gewerkt aan één integraal en realistisch sturingsmodel voor de AMRI-meerjarenreeks, waarin beheerplan, rapportages, investeringen en projecten samenkomen. Ook is het belangrijk om af te bakenen wat de grondslag is geweest van AMRI, zodat duidelijk is wat wel en niet binnen de reeks past. Het resultaat van de herijking kan leiden tot het aanpassen van de AMRI-overeenkomst.
We zijn begin 2026 gestart met het opstellen van een nieuwe beheervisie. In dit document zet de Vervoerregio haar visie op kwalitatief en doelmatig beheer van de railinfrastructuur uiteen. We zijn wettelijk verplicht om dit document elke vier jaar vast te stellen. Met de nieuwe versie zorgen we voor een betere borging van de strategische doelen van de Vervoerregio die zijn afgeleid uit ons beleidskader.
Vooruitkijken naar technische ontwikkelingen
Vanuit AMRI constateren wij dat, daar waar beheer en onderhoud zich historisch richtten op stabiele infrastructuur en langjarige vervangingscycli, het ov zich steeds meer ontwikkelt tot een digitaal en technologisch systeem. Innovaties in data, software en mobiliteitsdiensten gaan sneller dan de traditionele cycli van aanleg, beheer en vervanging en dat vraagt aanpassing in de samenwerking met partners en leveranciers. Vanuit programma's als Cyber Security en Obsolescencemanagement moet een goed beeld naar boven komen welke stappen de komende jaren nodig zijn voor de optimalisatie van operationele systemen. Deze ontwikkeling vertaalt zich naar een toename van de financieringsbehoefte voor de komende jaren die vanuit traditioneel oogpunt nieuw is. Vervoerregio en GVB Infra zijn met elkaar in overleg over de grootte van de opgave en de daarbij verwachte investeringen en kostenstijging voor beheer & onderhoud.
Fysieke Veiligheid
Fysieke veiligheid maakt ook onderdeel uit van het subprogramma AMRI. ILT is door de minister van Infrastructuur en Waterstaat aangewezen als toezichthouder voor lokale spoorwegen. De totale kosten voor dit wettelijk verplichte toezicht is gebaseerd op het aantal kilometers lokaal spoor in de vervoerregio dat ligt in de gemeenten Amsterdam, Amstelveen, Diemen, Ouder-Amstel en Uithoorn (ca. 350 km), het aantal beheerders (1) en het aantal vervoerders (1) en bedraagt in 2026 €152.893,-. Als gevolg van dit toezicht ontving de Vervoerregio in 2026 van ILT het Toezichtprogramma voor 2026 en afhandelingsbrieven over snelheidsmetingen bij het Centraal station, Parnassusweg/Strawinskylaan en Plein 40/45. Ook is er een afhandelingsbrief ontvangen over alcoholcontroles in samenwerking met de Landelijke Eenheid van de Politie uitgevoerd op de veiligheidsfunctie Trambestuurder op de Remise Havenstraat. Er zijn bij 24 gecontroleerde trambestuurders geen overtredingen geconstateerd. Alle brieven worden besproken met GVB zodat zij eventuele maatregelen kunnen treffen.
Tabel 10. Baten en lasten Assetmanagement railinfrastructuur AMRI
De kosten binnen het subprogramma stijgen voor 2026. In totaal is er € 34,6 miljoen toegevoegd aan de begroting, namelijk € 22,4 miljoen voor uitgaven binnen de AMRI-overeenkomst en € 12,2 miljoen aan de extra posten binnen subprogramma AMRI. Dit is het gevolg van meer onderhoudswerkzaamheden, indexatie en doorgeschoven middelen uit 2025. Onderstaand een specificatie van deze budgettaire aanpassingen.
De budgettaire aanpassingen binnen het subprogramma AMRI.
- ·De voorlopige indexatie voor 2026 bedraagt
structureel
2,6 %. Daarnaast zorgt het verschil tussen de werkelijke (4,02%) en voorlopige (3,35%) indexatie over 2025 voor een
structurele
verhoging van 0,67%. In totaal wordt een bedrag van € 5,9 miljoen voor indexatie aan de begroting van dit subprogramma toegevoegd. Dit wordt gedekt uit de BDU-indexatie.
- De uitgaven binnen de AMRI-overeenkomst zijn aangepast aan beheerplan 2026. Daarmee zijn de volgende posten geactualiseerd en herverdeeld: Dagelijks onderhoud tram en metro, MVP tram en metro, Areaal management en een deel van Signalling en Control (S&C), namelijk S&C Beheer. In totaal leidt dit tot een incidentele verschuiving van € 16,5 miljoen die toegevoegd wordt aan de begroting 2026. Dit wordt deels opgevangen binnen de doorschuif van 2025 naar 2026, namelijk voor € 12,9 miljoen. De resterende € 3,6 miljoen wordt gedekt uit teruggeschoven middelen van latere jaren naar 2026. Volgens de afspraken binnen de AMRI-overeenkomst is dit over de totale looptijd van de overeenkomst budgettair neutraal. Dit betreft een actualisatie van de budgetten.
Binnen de andere posten van subprogramma AMRI, maar buiten de AMRI-overeenkomst is er € 12,2 miljoen toegevoegd aan de begroting. Deze toevoeging bestaat uit de volgende wijzigingen:
Overige kosten AMRI:
- ·Binnen Overige kosten AMRI is gestart met de voorbereidingen voor de versnellingen uit het Bikker pakket binnen het programma Verbeteren Beschikbaarheid Liften en Roltrappen. Het volledige projectbudget is ingezet en een aantal onderdelen zijn afgerond. De definitieve realisatie (in dit geval het moment van opleveren van twee nieuwe liften) door GVB is in latere jaren. Bouwwerkzaamheden kosten immers tijd. Daarom is € 5,6 miljoen vanuit de jaarrekening 2025 naar 2026 doorgeschoven en bij deze begrotingswijziging direct herverdeeld naar latere jaren, volgens de planning van GVB. Ten opzichte van de primitieve begroting 2026 resulteert dit in een toevoeging van € 0,7 miljoen aan Overige kosten AMRI.
Het overige deel wordt doorgeschoven naar latere jaren:
Vanuit 2026 is € 0,6 miljoen doorgeschoven naar 2027
Vanuit 2026 is € 3,5 miljoen doorgeschoven naar 2028
Vanuit 2026 is € 0,8 miljoen doorgeschoven naar 2029
- ·Binnen Overige kosten AMRI is € 2,8 miljoen doorgeschoven van 2025 naar 2026 vanuit toegevoegde, losse projecten binnen AMRI.
S&C projecten:
Voor S&C-projecten is in 2026 in totaal € 7,4 miljoen incidenteel extra beschikbaar vanuit doorgeschoven middelen uit 2025:
- ·€ 4,0 miljoen voor de doorontwikkeling van S&C, bestaande uit € 2,4 miljoen restant SCMA-resultaat en € 1,5 miljoen onderbesteding in 2025. Deze onderbesteding is doorgeschoven via € 0,9 miljoen in de tweede bestuursrapportage 2025 en € 0,6 miljoen via de jaarrekening 2025.
- ·€ 1,4 miljoen voor SCM7 (risicoreservering), vanwege het doorlopen van de opdracht in 2026.
- ·€ 2,1 miljoen voor S&C ketenmonitoring vanuit het Bikker-pakket, als gevolg van een latere opstart van de AI-ontwikkeling.
Bijdragen derden
- ·De baten zijn
incidenteel
€ 0,5 miljoen hoger uitgevallen doordat de restpunten uit de gebruiksmelding van de Noord/Zuidlijn worden overgeheveld naar AMRI vanuit Gemeente Amsterdam. Daarmee zijn ook de lasten incidenteel verhoogd met € 0,5 miljoen binnen het budget van Overige kosten AMRI.
- De baten zijn incidenteel € 0,8 miljoen hoger uitgevallen doordat de restpunten van het onderdeel ‘Herstel Overige Perronvloeren’ (HOPV) worden uitgevoerd onder AMRI. Daarmee zijn ook de lasten incidenteel verhoogd met € 0,8 miljoen binnen het budget Overige kosten AMRI.
De budgettaire aanpassingen tussen de subprogramma’s.
Ook is er incidenteel € 2 miljoen toegevoegd aan het programma Liften & Roltrappen voor de volledige dekking van de twee liften bij Ganzenhoef. Dit budget is toegevoegd vanuit herverdeelde middelen binnen het maatregelenpakket Bikker, die stonden ondergebracht bij Concessies Streek. De middelen worden in deze bestuursrapportage doorgeschoven voor realisatie naar 2027 op basis van het kasritme.